Christus Koning

© Eline Claassens, Heerlen 2009



Het beeld van Christus als koning, met alle uiterlijke kenmerken van pracht en praal zoals dat eeuwenlang in de kunst werd afgebeeld, past niet meer in onze tijd.

Dat betekent niet dat we het beeld van Christus als koning dan maar moeten afschaffen.

Elk jaar opnieuw, de laatste zondag van het kerkelijk jaar (volgend weekend begint de advent), krijgen we een kans om ons te bezinnen op hoe wij dat Koningschap invullen en of en hoe, we dat beeld durven toelaten in ons leven.

 

De teksten van vandaag uit het boek Daniel en Johannes laten zien hoe dit beeld van Christus als koning door de eeuwen heen gegroeid is en hoe we een beeld van Christus als koning steeds opnieuw naar waarde kunnen schatten, zonder dat het daarbij inboet aan kracht.

 

We hoorden het beeld uit Daniel: in zijn droom kwam een Mensenzoon hem tegemoet,die naar een Hoogbejaarde werd geleid, die hem heerschappij gaf over alle volken, stammen, talen, een eeuwige heerschappij die nooit vergaat…wat er ook gebeurt.

 

En dan Jezus, als Hij voor Pilatus staat: ‘Mijn koningschap is niet van deze wereld’, ik ben koning, geboren om te getuigen van de waarheid, en wie uit die waarheid is, luistert naar mijn stem

Als ik die woorden, die beelden van een ideaal of waardig koningschap, tot me toelaat, dan worden die beelden, beelden van hoop tegen alle voorbeelden in van wanhoop in onze wereld in,  toen, en nu en ooit,  … wat er ook gebeurt..dat Koningschap komt er!

 

De hele geschiedenis door kunnen we zien dat er in periodes van wanbeleid,

onderdrukking en leed, dat er dan mensen opstaan die zich vastklampen aan dat beeld van die eeuwige koning die kómt, hoe dan ook, en dat die hoop door welk onrecht dan ook nooit kan worden gestopt.

 

In het boek Daniel worden de grote wereldrijken van Babyloniërs, de Mediërs, de Perzen en het Rijk van Alexander de Grote onder de voet gelopen, daar verschijnt de Mensenzoon die van God zijn koningschap krijgt.

Bij Johannes wordt Jezus door Pilatus ter verantwoording geroepen, er volgt een gesprek tussen twee mensen. Pilatus heeft het over een letterlijk, politiek koningschap, de Romeinen hebben de macht, nóg wel, maar bij Jezus gaat het over ‘de waarheid’, niet over zijn persoon, het gaat om vrede en recht, een wereld waar God van droomt, een beeld van hoop, een Koninkrijk van God dat er komt wat er ook gebeurt; Christus en zijn volgelingen een koninklijk geslacht…

 

Het gekke van ons mensen is, dat wij ons wel kunnen verdiepen in de geschiedenis maar dat wij er vaak niet van willen leren. Wij willen zelf ervaren hoe je bent in omstandigheden. Hoop kun je niet leren maar moet je opdoen, door, door schade en schande wijs te worden, door te ervaren dat je kind van God bent, dat alles je gegeven is, dat je andere mensen nodig hebt en dat je alleen door je verantwoordelijk te nemen voor je medemens in de marge, je oprechte vreugde ervaart.

Het weten dat er altijd weer tarwe groeit en vruchten aan de bomen, dat de zon schijnt voor iedereen, dat er altijd weer, mensen ópstaan die getuigen van de Waarheid

waar Hij onze God als, ware Koning voor stáát, ons getuige maakt, er- zal- zijn- wat er ook gebeurt… Amen