Jezus navolgen heeft
altijd twee kanten. Je kunt hem volgen door grote inzet in allerlei acties en
goede daden. Je kunt ook God zoeken in de stilte van het gebed. Marta en Maria
vertegenwoordigen ieder een van beide kanten. Is het een beter dan het ander?
Marta wil Jezus goed
ontvangen. Ze poetst het zilver, trekt de kasten open en slaat aan het redderen
in de keuken. Ze wil hem aan háár tafel goed ontvangen, hem binnenhalen in haar
wereldje.
Maria wil Jezus goed
ontvangen. Ze legt het werk neer, gaat zitten aan zijn voeten en luistert naar
zijn woorden. Ze wil zijn geheim verstaan, deel hebben aan zijn wereld.
We moeten dit verhaal
eerst in het perspectief zien van de tijd waarin het geschreven werd. In die
tijd van Jezus was het luisteren naar rabbi’s, het aanwezig zijn bij zulke
bijeenkomsten puur een mannenzaak. Vrouwen hoorden daar niet bij te zijn.
En nu terug naar ons,
hier in 2010, in Nederland, met de vakantie voor de boeg. Wat kunnen wij er mee
in ons leven?
Ook in onze omgeving zien
we dat mensen soms verstrikt raken in alles wat ze willen of moeten doen. In
werk of school raken agenda’s soms overvol met van alles wat moet. Ook in onze
parochie herkennen we dit: er moet zoveel gebeuren, er zijn zoveel taken en als
ik het niet doe, wie doet het dan? We dreigen wel eens ‘gemeenschappen van
Marta’s te worden.
Hebben wij niet allemaal,
jong of oud, man of vrouw, betaald of onbetaald, werkend of lerend, diezelfde
neiging: leven is vooral veel doen! Veel activiteiten ontplooien! En soms
kunnen we ons daarin verliezen, soms kunnen we daarin vluchten of denken dat we
gewoon niet anders kunnen.
Maar toch: deze lezingen
laten ons een andere kant zien: dat je ook regelmatig ‘pas op de plaats’ moet
maken, dat ook regelmatig tijd moet vrijmaken voor jezelf, voor bezinning of
gebed.
Maria maakte tijd voor
Jezus, ze luistert naar Hem, en naar wat Hij te zeggen heeft, naar Gods woord,
de bron van Zijn leven en daarmee ook van haar leven.
Zou het ook ons niet goed
doen als we ook, of misschien wel juist in de vakantietijd, de tijd waarop
allerlei activiteiten op een laag pitje staan, dat wij juist in deze tijd ook
ruimte en tijd maken voor stilte, voor bezinning, tijd maken om na te denken
wat belangrijk is in ons leven, wat ertoe doet, tijd maken voor God of het
goddelijke om ons heen….Krijgt ons doen daarmee niet een diepere betekenis?