het evangelie benadrukt nog eens hoe we moeten omgaan met bezittingen. hoezeer materiële goederen ook aangeprezen worden als nodig voor ultiem levensgeluk, de boodschap van jezus is een andere. natuurlijk zijn ze nodig om te kunnen leven, maar we moeten er goed mee omgaan en ze met elkaar delen. hebzucht of graaien naar steeds meer dan nodig is, voert niet tot levensgeluk.
dorothée sölle spreekt van een consumptiecultuur, waardoor mensen zich laten inpakken door de steeds agressievere commercie. wie kent niet de opdringerige reclame op tv voor dure schoonheidsmiddelen tegen rimpels, die ons in de maag gesplitst worden met ‘u bent het toch waard’? alsof rimpels op het gezicht van iemand, die door het leven getekend is, niet ook heel mooi kunnen zijn!
die consumptiecultuur, zegt sölle, is een ongelooflijke verarming, een aanslag op de menselijke waardigheid, want 'de mens is toch veel meer dan zijn bezit'? de mens heeft toch onbegrensde mogelijkheden in zich, om boven de materiële wereld uit te stijgen en zich te bevrijden van de verslaving aan al die hebbedingen. dat is de verte die wenkt, maar zo weinigen lijken die uitdaging op te pakken. de grote massa lijkt geobsedeerd door alles wat oog en oor streelt, en jaagt dit na.
mensen die zich zo laten verleiden, betalen een prijs. zij missen zo ontzettend veel, maar hebben het niet in de gaten. omdat zij constant gericht zijn op behoeftebevrediging, omdat al hun energie gaat zitten in het najagen van het nieuwste en beste en duurste wat aangeprezen wordt, hebben ze geen oog meer voor de mooie en waardevolle dingen die elke dag op hun weg komen.
echt gelukkig zijn zij, die een antenne hebben voor wat er echt toe doet; die bevrijd zijn van de passie om te hebben en van de angst om te verliezen. zij kunnen met volle teugen genieten van de vele mooie dingen die er echt toe doen.